Om zes uur gaat de wekker. Wat is dit voor waanzin? O ja, ik zou vandaag gaan wandelen. Snel opstaan dan maar, douchen, brood smeren en op de fiets. Het is al warm, dat belooft wat. Om zeven uur zit ik in de trein naar Eindhoven. Daarvandaan is het nog een dik uur met de bus naar Uden, waar mijn wandeling vandaag begint. Mijn 25 kilometer van vandaag brengen me tot in Handel, een plaats waar ik nog nooit van had gehoord. Maar gelukkig komt er wel een keer per uur een bus die de vermoeide reiziger tot het station in Helmond brengt, dus dat is mooi.
Het is warm vandaag, erg warm. Toch heb ik tijdens het lopen weer volop tijd om aan andere dingen dan de hitte te denken. Vandaag denk ik nog even terug aan gisteren. Ook toen ging de wekker al om zes uur. We hebben geholpen bij ESDA en het servicecentrum van de kerk (boekverkoop). Gisteren was namelijk de jaarlijkse open dag op het landgoed Huis ter Heide. Ieder jaar gezellig en meestal ook mooi weer. Zo ook gisteren. Bleek dat ik me zaterdag weer voor niets zorgen had gemaakt (toen kwam het water in grote hoeveelheden uit de hemel vallen). Na een langzame start kwam het aan het einde van de ochtend lekker op gang. Het doet me goed te kunnen melden dat er in ieder geval twee dozen vol van de nieuwe uitgave "Het rijk van God" zijn verkocht. Hopelijk wordt dit boek in brede kring verkocht en gelezen. Richard Rice laat een genuanceerd geluid horen in zijn boeken en daar is volgens mij grote behoefte aan in de kerk.
Dat brengt me meteen aan mijn tweede overpeinzing van vandaag. Want ik vind het toch wel erg jammer dat de kerk in de VS zo drammerig inzet op de grootschalige verspreiding van het boek "De grote strijd." Vorige week vroeg ik ernaar toen twee heren van Andrews University bij ons in de predikantenvergadering waren. Waarom dit in plaats van aandacht voor de maatschappij en de mensen daarin? Het antwoord was onthutsend eerlijk: "Het is veel makkelijker om een paar uurtjes boeken uit te delen dan om je werkelijk om mensen te bekommeren." Auw, de spijker op zijn kop.
De grote strijd is een boek van mevrouw Ellen G. White, in onze kerk gezien als een profetes. Maar, vraag ik me dan af, zij leefde in de 19e eeuw en een klein stukje 20ste eeuw. Het zou wel erg triest zijn als er sinds die tijd geen nieuwe inzichten meer zijn ontstaan. Sterker nog, Alden Thompson, een professor aan een van de adventistische instellingen in Amerika, geeft duidelijk aan dat de Grote Strijd door Ellen White zelf enkele malen is herzien. Naarmate zij ouder werd, werd de toon in het boek steeds milder. Dus ook bij haar kwam de wijsheid, berusting, acceptatie, of hoe je het maar noemen wilt, met de jaren.
Welke uitgave zal er nu verspreid gaan worden? De milde versie of de eerdere en hardere versie? Maar zelfs als de latere uitgave verspreid gaat worden, hebben we te maken met een boek dat al ruim 100 jaar oud is. Wie zit daar op te wachten? Nou, zegt men in Amerika, dit is een heel goed boek omdat hier precies in staat wat de wereld nog kan verwachten tot aan de komst van Jezus.
Dat kan wel zo zijn, maar het blijven nog steeds de denkbeelden en verwoordingen van een andere eeuw, met heel andere omgangsvormen. Bovendien geeft bijvoorbeeld Richard Rice in zijn boek "Het rijk van God" aan dat de geschiedschrijving in de Grote Strijd hier en daar van bedenkelijk niveau is. Je zou dus denken dat we anno 2011 ook wel iets anders kunnen bedenken om ons gedachtegoed te verspreiden.
Ben ik dan tegen de Grote Strijd? Ik zou niet durven. Maar door de verspreiding van een boek dat al zo oud is (de Bijbel is ook oud, maar van een nogal ander kaliber) plaats je eigenlijk de kerk ook in het verleden. We verspreiden een boodschap uit het verleden. Dat vind ik jammer, want ik denk dat we als kerk juist in het heden moeten leven.
Begrijp me goed, er zijn nog steeds mensen die door het lezen van de Grote Strijd tot geloof komen, dus het boek heeft zijn waarde. Maar er is meer. Een kerk die betrokken is bijvoorbeeld en niet alleen maar aan anderen wil vertellen wat ze moeten geloven. Hopelijk zal alle tijd, energie en de enorme hoeveelheid papier (met dito bomenkap) die nodig is om dit gigantische project te realiseren niet voor niets zijn. Ik vind het prima als mijn zorgen niet uitkomen. Mijn ongelijk zou waarschijnlijk een zegen zijn voor de kerk omdat het project dan geslaagd is.
Toch blijf ik hopen op een kerk die eigentijdser is en met beide benen in de maatschappij van vandaag verankerd is, terwijl we ook met elkaar op weg blijven naar een prachtige toekomst.
Het is mooi geweest voor vandaag. De hitte eist zijn tol, ik ga naar huis. Lekker Philip Yancey lezen in de trein, heerlijk.